In financiële media wordt vaak gediscussieerd over de vraag of aandelen te 'duur' of 'overgewaardeerd' zijn, waarbij beweerd wordt dat waarderingscijfers voor aandelen, zoals koers-winstverhoudingen (K/W), de toekomst kunnen voorspellen. Op het eerste gezicht lijkt dit logisch: koop aandelen als ze goedkoop zijn, verkoop ze als ze duur zijn. "Als de waarderingen historisch hoog zijn, dan is het nu zeker een goed moment om te verkopen, toch?"
De marktgeschiedenis vertelt echter een ander verhaal. Waarderingscijfers hebben niet de voorspellende kracht die veel beleggers ze toedichten. In dit artikel bespreekt Fisher Investments België op basis van haar ervaringen de wiskunde achter gangbare waarderingsmaatstaven, het statistische bewijs dat aantoont dat ze geen voorspellende kracht hebben en hoe beleggers er rekening mee kunnen houden in hun beleggingsbeslissingen.
Om te begrijpen waarom waarderingen geen betrouwbaar middel zijn om een in- of uitstapmoment te timen, moeten beleggers eerst weten hoe ze zijn opgebouwd. De waarderingsmaatstaf die in financiële media het meest voorkomt, is de koers-winstverhouding (K/W).
Die wordt berekend door de koers van een aandeel te delen door de winst per aandeel (WPA). De K/W geeft dus in feite weer hoeveel geld beleggers betalen voor elke euro van de winst van een bedrijf.
Bijvoorbeeld: als een bedrijf wordt verhandeld tegen € 50 per aandeel en de WPA over de afgelopen twaalf maanden € 5 bedraagt, dan is de K/W 10 (€ 50/€ 5), wat betekent dat beleggers € 10 betalen voor elke euro van de winst van het bedrijf.
• Lage K/W-verhouding: Het aandeel lijkt misschien 'goedkoop'.
• Hoge K/W-verhouding: Het aandeel lijkt misschien 'duur'.
Een lagere K/W kan erop wijzen dat het aandeel van het bedrijf 'goedkoop' of ondergewaardeerd is ten opzichte van de winst, terwijl een hogere K/W erop kan wijzen dat het 'duur' of overgewaardeerd is. Maar is dat echt zo? Fisher Investments België gelooft van niet. Het is niet omdat de koers-winstverhouding hoog is dat het aandeel duur is, of omgekeerd.
Het probleem zit hem in de berekening. De 'W' (winst) kijkt meestal terug naar wat er het afgelopen jaar is gebeurd. De 'K' (koers) kijkt vooruit en probeert te raden wat er in de toekomst zal gebeuren. Door het verleden met de toekomst te vergelijken, krijg je een ontkoppeling, waardoor het moeilijk is om dit cijfer te gebruiken voor voorspellingen op korte termijn.
Beleggers lijden vaak aan wat de oprichter van Fisher Investments, Ken Fisher, "market acrophobia" noemt, hoogtevrees. Als beleggers een hoge K/W zien, denken ze instinctief: 'Omdat de K/W 'hoog' is, moet dat betekenen dat de aandelenkoers kan dalen!'
Die logica werkte misschien in de oertijd, maar is niet zo eenvoudig toe te passen op aandelen. Hogere waarderingen betekenen simpelweg dat beleggers bereid zijn meer te betalen voor elke euro van de winst van een bedrijf, meestal omdat er hoge verwachtingen zijn voor de groei van het bedrijf in de toekomst. Dit toont aan dat koers-winstverhoudingen weliswaar nuttig zijn om de relatieve waarde te meten, maar best niet worden gebruikt om toekomstige marktbewegingen te voorspellen of beleggingsbeslissingen te nemen, en zeker niet voor de korte termijn.
Als hoge of lage waarderingen markttrends zouden voorspellen, dan zou er een sterke statistische correlatie zijn tussen de twee. Dat is niet het geval. Bij het analyseren van cijfers van de S&P 500, die teruggaan tot 1872 en daarmee een van de datasets vormt met de langste geschiedenis, ontdekte Fisher Investments België dat de correlatie tussen de K/W aan het begin van een jaar en het verwachte rendement over één jaar vrijwel onbestaande isi.
R-squared is een ingewikkelde term waarmee wordt uitgedrukt in welke mate een bepaalde variabele een andere variabele verklaart. De R-squared voor de K/W aan het begin van een jaar en het verwachte rendement over één jaar voor de S&P 500-aandelenindex is ongeveer 0,01. Dat wil dus zeggen dat 1% van de toekomstige rendementen per jaar kan worden verklaard door de waarderingen aan het begin van elk jaar. Doorheen de beursgeschiedenis zijn er veel periodes geweest waarin hoge waarderingen werden gevolgd door positieve rendementen en lage waarderingen door negatieve rendementen.
Een klassiek voorbeeld dat aantoont dat koers-winstverhoudingen geen voorspellende waarde hebben, is de financiële crisis van 2008-2009. De K/W's piekten begin 2009 toen de markt een dieptepunt bereikteii. Waarom? Omdat de bedrijfswinsten sneller waren ingestort dan de aandelenkoersen. Toen de winst instortte, resulteerde dat voor deze bedrijven in een hogere K/W.
Een belegger die in 2009 uit de hoge K/W's de conclusie trok dat aandelen 'duur' waren, zou daardoor van de markt weg gebleven kunnen zijn. Terwijl dat moment juist het begin was van een enorme, tien jaar durende bullmarkt. De markt (de 'K') keek uit naar een economisch herstel dat de voortschrijdende winst (de 'W') nog niet hadden vastgelegd.
Als waarderingen geen indicatie zijn van markttrends, waar zijn ze dan wel nuttig voor? Fisher Investments België beschouwt waarderingen eerder als een graadmeter voor het marktsentiment dan als een voorspellend instrument. Wijdverspreide euforie onder beleggers gaat vaak gepaard met hoge waarderingen, terwijl moedeloosheid gepaard gaat met lage waarderingen. Sentiment in combinatie met de andere aanjagers van de markt (economie en politiek) geeft een completer beeld van de markten dan alleen waarderingen.
Voor beleggers betekent dat dat ze hun beleggingsbeslissingen niet alleen mogen laten leiden door de waarderingen. Waarderingen zijn slechts één manier om het beleggerssentiment te peilen. Een hoge koers-winstverhouding is geen rood licht en een lage koers-winstverhouding is geen groen licht. Markten bewegen in de kloof tussen verwachtingen en de realiteit, aangedreven door economische kerncijfers, politieke ontwikkelingen en sentiment, en niet omdat een specifieke ratio een historisch plafond heeft bereikt.
Facebook: https://www.facebook.com/FisherInvestmentsBelgie/
Fisher Investments België is de handelsnaam die Fisher Investments Luxembourg, Sàrl in België gebruikt ("Fisher Investments België"). Fisher Investments Luxembourg, Sàrl, een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid in Luxemburg, is samen met de handelsnaam Fisher Investments Europe geregistreerd in het Registre de Commerce et des Sociétés ("RCS"") onder nummer B228486. Fisher Investments Europe staat onder toezicht van de Commission de Surveillance du Secteur Financier (""CSSF"") en de statutaire zetel is geregistreerd op: K2 Building, Forte 1, Third Floor, 2a rue Albert Borschette, L-1246 Luxembourg. Fisher Investments Europe besteedt sommige aspecten van het dagelijkse beleggingsadvies, portefeuillebeheer en portefeuillehandelingen uit aan gelieerde ondernemingen.
Dit document bevat de algemene visie van Fisher Investments Europe en dient niet te worden beschouwd als persoonlijk beleggings- of belastingadvies of een afspiegeling van de prestaties van cliënten. Er wordt niet gegarandeerd dat Fisher Investments Europe deze visie zal handhaven. Deze kan immers veranderen op grond van nieuwe informatie, analyses of heroverweging. Niets in dit document is als aanbeveling of prognose van marktomstandigheden bedoeld. Het is eerder bedoeld om een standpunt weer te geven. De huidige en toekomstige markten kunnen sterk afwijken van de hier geschetste scenario's. Bovendien worden geen garanties gegeven met betrekking tot de nauwkeurigheid van eventuele aannames gemaakt in illustraties in dit document.
.
Twitter: https://twitter.com/FisherInvestBE
LinkedIn: https://www.linkedin.com/company/fisher-investments-europe---belgië
Bron: Finaeon, Inc., 16-1-2026. Totaalrendement en K/W van de S&P 500.
Bron: Finaeon, Inc., 16-1-2026. 1871 t/m 2024, jaarcijfers.